Deel dit artikel op social platform

61% van woningen in Bunschoten is rijtjeshuis

 

Van de bijna 8 miljoen woningen in Nederland op 1 januari 2021, was 42 procent een rijtjeshuis, dat wil zeggen deel van een blok van tenminste drie huizen. 36 procent van alle woningen was een meergezinswoning, zoals een appartement of een boven- of benedenwoning. 13 procent van de woningen was vrijstaand en 9 procent was twee-onder-een-kap. Dit meldt het CBS.

In de gemeente Bunschoten is de verdeling als volgt:

Rijtjeshuis: 61%

Vrijstaande woning: 8%

Twee-onder-een-kapwoning: 10%

Meergezinswoning: 21%

De huidige woningvoorraad is een erfenis van vele jaren waarin verschillend werd gebouwd, maar ook van (selectieve) sloop en wijzigingen in woningtype door bijvoorbeeld splitsing, samenvoeging en transformaties. Zo is 19 procent (1,5 miljoen) van de huidige woningen nog vooroorlogs. Rijtjeshuizen vormen 30 procent van de vooroorlogse voorraad, een veel kleiner aandeel dus dan van de hele tegenwoordige voorraad. Een op de vijf van de nog bestaande vooroorlogse woningen is vrijstaand, veel meer dus dan het aandeel van de volledige woningvoorraad (bijna een op de acht). Het percentage meergezinswoningen van de voorraad uit die tijd is met 39 procent iets hoger dan de genoemde 36 procent meergezinswoningen in de totale huidige voorraad. De meergezinswoningen van voor de oorlog hebben wel een ander karakter: het zijn voornamelijk boven- en benedenwoningen.

Dat het rijtjeshuis momenteel domineert, heeft te maken met ontwikkelingen tussen 1945 en 2005. In de huidige woningvoorraad met deze bouwjaarklasse is het rijtjeshuis het best vertegenwoordigd. Vooral in de periode 1965-1985 zijn er zeer veel rijtjeshuizen opgeleverd die nog altijd bestaan. Meer dan de helft van de woningen uit de overgebleven voorraad uit deze periode is een rijtjeshuis. Het is bovendien het tijdperk waarin de meeste woningen van de huidige voorraad zijn gebouwd.

Het aandeel meergezinswoningen uit de periode 1965-1985 is het kleinst van alle bouwjaarklassen. Bij de nieuwere woningen is het aandeel groter, en bij de nieuwste woningen (bouwjaar 2005-2021) hebben meergezinswoningen met 47 procent de overhand. Het aandeel vrijstaande woningen en twee-onder-kap-woningen is in de voorraad met bouwjaar 1965-1985 ook klein (9,5 respectievelijk 6,7 procent). Bij woningen gebouwd in 2005 en later is dit aandeel nog kleiner.

Van alle 3,4 miljoen rijtjeshuizen in Nederland bevinden zich de meeste in Zuid-Holland (683 duizend). Dat is 40 procent van de woningen in deze provincie. Ook in Noord-Brabant (559 duizend) en Noord-Holland (516 duizend) staat een groot deel van de voorraad rijtjeshuizen.

Meergezinswoningen komen in zowel Zuid- als Noord-Holland het meeste voor, ruim de helft van het woningbestand. Waar in deze provincies het aandeel vrijstaande woningen zeer klein is (respectievelijk 5 procent en 7 procent), zijn Fryslân en Drenthe koploper als het gaat om het aandeel vrijstaande woningen: in beide provincies 29 procent van de voorraad. Deze provincies hebben ook het grootste aandeel twee-onder-een-kap-woningen in de voorraad, namelijk respectievelijk 16 en 18 procent.