‘Ik heb nooit last van heimwee’

Gijsbert van de Groep (27) zit al sinds zijn twintigste bij de marine. Hier werkt hij als korporaal op de schepen van Defensie. En daar is hij voor in de wieg gelegd.

,,Ik werk nu zo’n 7,5 jaar bij de marine in de wapentechnische dienst”, vertelt Gijsbert. ,,Dat betekent dat ik mij bezighoud met het onderhoud, de reparaties, het testen van de missiles/rakketen, het kanon en de radars en het afvuren van het kanon.”

Gijsbert startte met een mbo 4 opleiding in elektronica.

Vervolgens kun je instromen bij de marine en volg je de militaire vorming. ,,Je begint als matroos en later word je korporaal. Dat is wat ik nu ben”, legt Gijsbert uit. Al deze opleidingen vinden plaats in Den Helder, waar De Koninklijke Marine zit.

Bruut geweld

Als korporaal ben je onderhoudsmonteur, ook wel een technisch specialist. ,,In het begin volgt iedereen dezelfde opleiding (de militaire vorming). Zodra je die gehaald hebt, ben je volwaardig militair en heb je je barret verdiend”, legt Gijsbert uit. ,,Daarna heb je vervolgopleidingen. Je start dan aan boord als matroos of je leert gelijk ongeveer anderhalf jaar door voor korporaal. Als dit allemaal afgerond is, ben je dus korporaal. Daarna ga je je pas echt specialiseren”, zegt Gijsbert. Er zijn verschillende takken van sport. Denk aan: wapens, sensoren of communicatie. ,,Ik ben van de wapens. Dat vind ik het mooiste van alles!”, glimlacht Gijsbert. ,,Iedereen heeft een eigen voorkeur, maar ik ben dol op het brute geweld. Knallen met het 127 mm kanon, dat vind ik prachtig!”

En dat knallen gebeurt ook echt. ,,Raketten lanceren doen we heel weinig”, vertelt Gijsbert. ,,Maar kanonschietoefeningen doen we wél best vaak.” Deze oefeningen zijn bedoeld voor als het oorlog is. ,,Wat weleens voorkomt, is dat we een waarschuwingsschot afvuren, denk aan de antipiraterijmissie bij Somalië. Maar ik heb nog nooit op andere schepen geschoten.”

Gijsbert was heel jong toen hij wist dat hij dit beroep uit wilde oefenen. ,,Ik zat in groep 4 en toen zei ik al: ‘als ik later groot ben dan ga ik bij de marine’. Dat is altijd al een jongensdroom geweest. Mijn vader wilde ook bij de marine, maar die werd afgekeurd. Hij heeft mij van jongs af aan al meegenomen naar de vlootdagen. Dus zo ben ik ermee in aanraking gekomen”, vertelt Gijsbert.

Lang van huis

Maar dit beroep betekent ook dat Gijsbert vaak lang van huis is. ,,Het afgelopen jaar ben ik aaneengesloten bijna zeven maanden weggeweest”, geeft Gijsbert aan. ,,We gingen dit keer richting Japan door de Zuid-Chinese Zee. Dit is wel een uitzondering hoor. Normaliter zijn we maximaal vijf á zes maanden onderweg. En daartussen zitten ook reisjes van twee weken of een maand bijvoorbeeld.”

‘De Russen zijn heel aanvallend’

Een aantal jaar terug voer hij door de Zwarte Zee bij Rusland. ,,Daar gaan we dan de situatie polsen. De Zwarte Zee is de achterdeur van Rusland om Europa snel binnen te komen. Anders moeten ze bovenlangs. De Zwarte Zee is een gebied dat zij proberen te claimen. Kijk maar naar de situatie rondom de Krim. Wij gaan er dan heen en kijken wat ze doen. En als er wat gebeurt, dan staan we paraat. De afgelopen reis was dat dus bij de Zuid-Chinese Zee. De Chinezen claimen deze zee en zeggen: die is van ons. Maar wij zeggen: dat wordt niet erkend, wij mogen daar gewoon doorheen varen. Dat noem je freedom of navigation. En dat laten we ook zien! Als ze ons iets willen doen dan zijn we er klaar voor. We willen het natuurlijk ook niet uitlokken, maar wel een statement maken en kijken: hoe wordt erop gereageerd?”, vertelt Gijsbert.

En dat is heel verschillend per land. ,,De Russen zijn bijvoorbeeld heel aanvallend en ook heel opvallend. Die komen met allemaal schepen en straaljagers op je af. Ze voeren veel schijnaanvallen uit. De Chinezen daarentegen blijven juist op afstand. Die houden je wel in de gaten, maar houden zich gedeisd”, zegt Gijsbert.