Deel dit artikel op social platform

Landelijke ophok- en afschermplicht van kracht

 

Minister Piet Adema van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit stelt per 5 oktober een landelijke ophok- en afschermplicht in voor locaties met risicovogels.

Het besluit wordt onder meer genomen op basis van een risicobeoordeling van de deskundigengroep dierziekten. Onder andere door het hoge aantal besmettingen en de aankomende vogeltrek is het risico verhoogd. Naast dat deze vogeltrek voor meer kans op besmettingen zorgt, kunnen trekvogels ook een nieuwe vogelgriepvariant met zich mee brengen. De ophok- en afschermplicht is een preventieve maatregel om de kans op introductie van vogelgriepvirus bij gehouden vogels in Nederland te verkleinen. In een aantal gebieden was er al een ophok- en afschermplicht van kracht.

Verschil per locatie

Of op een locatie de ophokplicht of de afschermplicht geldt, verschilt per soort locatie. De ophokplicht geldt voor houders van commercieel gehouden vogels. Deze vogels moeten in een afgesloten ruimte gehouden worden, bijvoorbeeld in de stal of een loods of een schuur. Een uitzondering geldt voor commercieel gehouden fazanten, sierwatervogels en loopvogels. Voor deze vogels geldt geen ophokplicht, maar een afschermplicht.

Afschermen

De afschermplicht geldt voor houders van dierentuinen, kinderboerderijen en eigenaren van hobbyvogels – voor zover dit hoenderachtigen/kippen, watervogels en loopvogels betreft. De afschermplicht geldt ook voor commercieel gehouden fazanten, sierwatervogels en loopvogels. De afschermplicht betekent dat deze houders verplicht zijn de genoemde dieren af te schermen om zoveel mogelijk te voorkomen dat de vogels in contact komen met zieke wilde vogels of hun uitwerpselen. Dit kan bijvoorbeeld door de dieren in een volière te houden.