Search
3°C
Deel dit artikel op social platform

Sociale huurders komen in Bunschoten ruim € 4.000,- spaargeld tekort

Onlangs publiceerde het CBS nieuwe cijfers over de vermogens van Nederlandse huishoudens.

Slimster.nl dook in die cijfers en focuste zich op de kwetsbaarste groep: Nederlanders in een sociale huurwoning. De vergelijkingssite concludeert dat een doorsnee sociale huurder ruim 5.000 euro minder spaargeld bezit dan het Nibud adviseert om tegenvallers op te vangen. In de provincie Utrecht is het vooral de hoofdstad waar sociale huurders weinig hebben om op te teren. ,,Bij de eerste de beste tegenvaller raken zij in de problemen.”

Met een doorsnee bruto maandinkomen van 2.225 euro per huishouden moeten sociale huurders zien rond te komen. Om niet in de problemen te raken bij onvoorziene omstandigheden, adviseert het Nibud om een spaarbuffer van 6.750 euro op te bouwen. Daarbij gaat het voorlichtingsinstituut ervan uit dat je geen auto hebt die het kan begeven. Heb je die wel, dan moet je bij een klein tweedehandsje nog eens 3.200 euro extra achter de hand houden.

Voor het gros van de huishoudens is dit soort bedragen echter volstrekt niet realistisch, zo concludeert Slimster uit de data van het CBS. Vooral in de gemeenten Utrecht (gemiddeld 1.000 euro), Nieuwegein (1.800) en Zeist (1.900) hebben huishoudens in een sociale huurwoning vaak een beperkt vermogen. In Bunschoten ligt dit op 2.600 euro.

Landelijk gezien is het doorsnee vermogen van een huishouden in een sociale huurwoning 1.700 euro. Daarbij moet nog worden aangetekend dat vermogen niet alleen bestaat uit spaargeld, al veronderstelt Slimster dat dit bij (sociale) huurders vaak wel het merendeel zal zijn. Vergeleken met het Nibud-advies komen zij dus ruim 5000 euro tekort.

Acute geldnood

,,Een beperkt spaarpotje betekent dat je bij een onverwachte tegenvaller direct in de problemen raakt”, aldus Marco Schuurman, eigenaar van Slimster. ,,Bedenk bijvoorbeeld dat een nieuwe wasmachine al gauw zo’n 700 euro kost. Voor veel huishoudens is dat niet zomaar op te hoesten. De keuze voor een goedkoper model ligt dan voor de hand, maar dat houdt dan veelal in dat de kwaliteit minder is, waardoor zo’n product het ook weer eerder begeeft.” In sommige gevallen is een huurconstructie een goede optie, zegt Schuurman. “Je betaalt dan bijvoorbeeld zo’n 20 euro in de maand voor het gebruik van een wasmachine en hebt zelf geen kosten wanneer er een probleem is. Dit is vooral voor de korte termijn een betaalbare oplossing, zodat je ondertussen mogelijk kunt sparen voor een nieuwe.”

In het kader van Wereldspaardag deed Slimster eerder dit jaar al onderzoek naar spaardoelen van Nederlanders. Daaruit bleek dat ruim 15 procent van Nederland nergens voor spaart. Onder mensen met een huurwoning is dit zelfs bijna 20 procent. Daarbij is overigens geen rekening gehouden tussen sociale huurders en huurders in de vrije sector.