Deel dit artikel op social platform

Wetsvoorstel om seksueel geweld beter aan te pakken

 

Seksuele interactie moet altijd vrijwillig en gelijkwaardig zijn, zowel in de fysieke wereld als online. Om die norm ook goed in de strafwetgeving vast te leggen stuurt minister Dilan Yesilgöz-Zegerius (Justitie en Veiligheid) het wetsvoorstel seksuele misdrijven naar de Tweede Kamer.

,,Seksueel grensoverschrijdend gedrag zien we overal in de maatschappij terug komen. Het is tijd dat we dat een halt toe roepen want iedereen moet zich overal veilig kunnen voelen. Wanneer je over straat loopt, aan het werk bent, online contact hebt met iemand of gewoon in je eigen huis bent”, aldus de minister.

De huidige strafwetgeving met betrekking tot seksueel grensoverschrijdend gedrag is verouderd en schiet op onderdelen tekort. Daarom is het nodig die wetgeving fundamenteel te herzien en dat is precies wat dit wetsvoorstel doet. Hiermee wordt de wet meer bij de tijd gebracht als het gaat om digitale ontwikkelingen en de huidige seksuele normen. Zo wordt bijvoorbeeld seksueel contact met iemand waarvan je weet of moest vermoeden dat die ander niet wilde strafbaar als een vorm van aanranding of verkrachting. Ook wordt seksuele intimidatie, in het openbaar (offline en online), strafbaar. Daarop is maximaal drie maanden hechtenis gesteld. Daarnaast komt er maximaal twee jaar gevangenisstraf te staan op sexchatting: het seksueel benaderen van kinderen onder de 16, bijvoorbeeld door het sturen van online berichten.

,,Seksueel geweld en grensoverschrijdend gedrag zijn onaanvaardbaar en moeten worden gestopt. Dat vergt een breed maatschappelijk offensief. Het strafrecht is het sluitstuk maar wat mij betreft onmisbaar in deze brede aanpak. Daarom wil ik de wet aanpassen zodat slachtoffers van seksueel geweld beter worden beschermd. Met de nieuwe wet hebben slachtoffers van verkrachting en aanranding meer mogelijkheden om aangifte te doen, daarnaast worden seksuele intimidatie en sexchatting strafbaar gesteld.”

In het wetsvoorstel worden verschillende delictsvormen van aanranding en verkrachting geïntroduceerd, waarmee eerder sprake is van strafbaar gedrag. Beide delicten bestaan uit een schuld- en een opzetvariant. Voor strafbaarheid in de opzetvariant is leidend of degene die seksuele handelingen met het slachtoffer verrichtte, wist dat bij de ander daartoe de wil ontbrak en toch doorzette. In tegenstelling tot het huidig recht zijn dwang, geweld en bedreiging hierbij strafverzwarende omstandigheden, maar niet langer vereist voor een veroordeling. Van de schuldvariant is sprake indien iemand duidelijke signalen van een ontbrekende wil bij de ander helemaal verkeerd heeft ingeschat, door er ten onrechte van uit te gaan dat de wil tot seksueel contact bij die ander wel aanwezig zal zijn. De initiator moet alert zijn of de ander hetzelfde wil. Is er reden voor twijfel dan moet worden geverifieerd of die ander daadwerkelijk instemt met seksueel contact.

Door de toename van het gebruik van internet, sociale media en smartphones is er meer online seksueel contact. Vooral kinderen zijn kwetsbaar voor online seksueel misbruik. Zij beschikken op steeds jongere leeftijd over een smartphone en zijn makkelijker bereikbaar voor mensen die kwaad willen. Het seksualiserend benaderen van kinderen is de afgelopen tijd in omvang en vaak ook in indringendheid toegenomen. Het online seksueel stalken of seksueel inkapselen van een kind gaat heel snel – soms is één chatsessie al voldoende – en kan soms maanden of jaren voortduren. Daarom wordt sexchatting strafbaar gesteld. Dit is een vorm van seksuele benadering van kinderen onder de 16 jaar in de voorfase van seksueel misbruik.

Seksuele intimidatie in het openbaar wordt strafbaar als overtreding. Dat geldt zowel online als offline. In het kader van het implementatietraject wordt onderzocht of op lokaal niveau naast de politie buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) kunnen worden ingezet bij het tegengaan van seksuele intimidatie op straat.